Mango

Mango

We staan in Suriname aan het begin van een nieuw mangoseizoen, wat betekent dat we straks weer overal bloeiende mangobomen te zien krijgen en ook fleurige stapels sappige mango’s op lokale markten en in fruitstalletjes aan de weg.

Suriname, mango, onrijp roodborstje
Onrijp roodborstje

De wetenschappelijke naam van de mangoboom is Mangifera Indica. Hij groeit in het wild in delen van Zuidoost-Azië, vanwaar hij zich waarschijnlijk heeft verspreid naar Oost-Azië, duizenden jaren geleden. Tegen de 10e eeuw werd het fruit in Oost-Afrika geïntroduceerd door Arabieren en vervolgens aan het begin van de 18e eeuw door Portugezen naar Brazilië gebracht. De rest is geschiedenis, zoals men zegt, en als buurland van Brazilië is Suriname gezegend met een ruime diversiteit aan mangobomen.

Er zijn vele honderden mangovariëteiten bekend, maar niet alle soorten gedijen in alle klimaten. In Suriname kennen we ongeveer 20 variëteiten.

Mangobomen zijn groenblijvers en kunnen wel 40 m hoog worden, met een dichte kruin van 10 m in doorsnede. De bladeren zijn afwisselend geplaatst en hebben een gemiddelde lengte van ongeveer 20 cm en een breedte van zo’n 10 cm. Op de pagina Natuur kun je foto’s bekijken die ik in mijn geboorteplaats heb genomen van een grote mangoboom.

Young mango leaves
Jonge mangobladeren zijn fluweelachtig zacht en hebben een lichte roze-paarse kleur, die geleidelijk aan donkergroen wordt. Mangobloesem bestaat uit duizenden piepkleine bloemetjes; slechts een deel daarvan groeit uit tot een vrucht en slechts een deel van de vruchten ontwikkelt zich tot rijpe, volwassen mango’s. Een mango heeft drie tot zes maanden nodig om van bloesem uit te groeien tot een rijpe vrucht.

 

Mango’s zijn heerlijk en sappig, vind je niet? Vanwege hun harde, steenachtige pit waarin het zaad zit, worden ze gerekend tot de steenvruchten. Rijpe mango’s zijn er in vele kleuren en formaten – van groen tot geel en rood vanbuiten, en van geel tot oranje vanbinnen. Wat betreft formaat, kunnen mango’s variëren van kleintjes zo groot als een kiwi tot gigantische van ruim een kilo in gewicht. Sommige mango’s zijn nogal vezelig, terwijl andere geen draden hebben.

Suriname, mangoboom wordt gesnoeid
Mangoboom krijgt een snoeibeurt

Waarschijnlijk ben je wel bekend met de smaak van mango’s. Toch wil ik even stilstaan bij de smaak, omdat de meeste mango’s die in Europa, de VS en Canada worden verkocht niet echt de beste zijn. Ze zijn zeker niet allemaal slecht. Maar tijdens mijn jaren in Europa is heb ik menigmaal een absoluut smakeloze en/of vanbinnen rotte mango gekocht. Ze zien er van buiten perfect uit: gaaf, glimmend en lekker dik, met een mooie kleur.

Het nadeel van geëxporteerde mango’s is echter dat ze vaak worden geselecteerd op eigenschappen als transporteerbaarheid en lange houdbaarheid, en daarbij ze worden veel te vroeg geplukt. Hoewel ze tijdens transport en opslag nog verder rijpen, zijn ze niet te vergelijken met zongerijpte mango’s. Als je eenmaal de verrukkelijke smaak van een sappige en geurige zongerijpte mango hebt geproefd, zul je nooit meer met minder genoegen nemen! Kijk hieronder eens naar een aantal verse Surinaamse mango’s. Ik laat je ook twee van mijn favoriete zien!

Suriname, roodborstjes
Roodborstjes

Op deze foto zie je een tros roodborstjemango’s, hangend aan de boom bij mijn vroegere huurappartement. Is de kleur niet om verliefd op te worden? Deze mango’s worden elke dag door de zon gekust totdat hun aanvankelijk verlegen blos steeds intenser wordt en hun zoete aroma zich rondom de boom begint te verspreiden. Nog een paar weken, dan zijn ze zover en vallen ze van de boom.

Roodborstjes hebben veel draden. Maar ze smaken geweldig en zijn zeer geliefd. Niet voor niets zijn ze een van de populairste mango’s van Suriname!

Suriname, gele roodborstjes
Gele roodborstjes

Het wonderlijke van deze roodborstjeboom is dat hij ook gele mango’s draagt. Kijk maar naar deze foto: deze gele mango’s komen van dezelfde boom: dezelfde vorm, dezelfde smaak, dezelfde geur – alleen een andere kleur. Sommige van deze gele roodborstjes krijgen wel een rode blos, maar zoals je ziet, zijn die op de foto echt gewoon geel.

Sommige mango’s blijven groen, ook al zijn ze rijp, of krijgen maar een heel lichte tint. Hieronder zie je deze enorme exemplaren, bijvoorbeeld. Deze grote, langwerpige mango’s komen oorspronkelijk uit Indonesië. Ze hebben geen draden, hebben een geweldige aromatische geur en ze zijn ongelofelijk smaakvol. Superlekker! Ze hebben dan ook veel fans! En ze worden makkelijk zo’n 20 cm lang.

Suriname, golet
Onrijpe golets links op de foto en slechts heel lichtgetinte rijpe golet rechts

Laten we het nu eens – bij wijze van terzijde – over taal hebben! Het woord mango voert ons terug naar de handel in specerijen die zich in 1498 voordeed tussen Portugal en de Indiase regio Kerala. In deze periode is het Malayalam woord māṅṅa bij de Portugezen geïntroduceerd en zij maakten er manga van. Het is niet duidelijk wanneer of waarom de o aan het einde van mango verscheen. Mocht je het weten, dan hoor ik het graag!

Wist je dat mango in Suriname manja wordt genoemd? Hier in Suriname zijn manja’s heel populaire vruchten. Iedereen is er dol op en velen hebben een bepaalde manja of twee als favoriet. Degenen die het geluk hebben in het bezit te zijn van een manjaboom, scheppen vaak erover op dat hun manja’s de lekkerste zijn! Zelf koop ik vaak roodborstjes, voornamelijk vanwege hun fantastische kleur: ze zien er aantrekkelijk uit en – niet in de laatste plaats – ze zijn heerlijk! Ze zijn wel draderig. Een andere manja die ik geweldig vind, is de reusachtige die hierboven op de foto’s staat: golet – enorm, zoet, zonder draden en heel smakelijk! Nu ken je twee van mijn favoriete manja’s. Hieronder laat ik je een totaal andere zien.

We hebben ook manja’s die minder bekend en minder populair zijn, zoals de terpentijnmanja. Terpentijn, hoor ik je denken? Ja, zeker! Het is namelijk zo dat alle manja’s een kleine hoeveelheid terpentine/kerosine bevatten. Mocht je echter een manja in handen krijgen die naar terpentine ruikt, gooi hem dan weg en eet hem niet op! Toch wordt de terpentijnmanja naar verluidt zo genoemd vanwege zijn terpentinesmaak. Eerlijk gezegd, ken ik deze manjasoort niet. Het fascineert me wel dat hij naar terpentine zou smaken! Ik heb me laten vertellen dat terpentijnmanja’s heel zoet en lekker zijn. Ik weet het allemaal niet – wilde je dit maar vertellen en laten zien hoe ze eruitzien.

Laten we verder kijken en nu een manja eten! Het lijkt misschien een open deur, maar het verorberen van een sappige manja is niet altijd even makkelijk – als je dit tenminste wilt doen zonder dat het sap langs je armen loopt en van je wangen drupt! Surinaamse kinderen leren manja eten met deze techniek: ze bijten een gaatje in de bovenkant en knijpen in de manja, zodat ze het sap kunnen opzuigen. Wanneer het sap grotendeels op is,schillen ze de manja door met de tanden repen schil eraf te trekken en eten dan het vruchtvlees rondom de pit op. Je kunt een manja natuurlijk ook snijden en dan opeten. Op deze foto zie je mijn favoriete manier om aan manjablokjes te komen.

Behalve rijpe manja’s eten we ook graag groene, onrijpe! Met groene manja’s maken we manjachutney, we leggen ze in op azijn en eten ze als snack met zout en pepers! Smullen! En wat zou je denken van een glas vers manjasap?!

Tot slot, voor het geval je niet op de hoogte bent, wil ik je vertellen dat manja’s heel gezond zijn! Ze bevatten 44% van de hoeveelheid vitamine C en 11% van de hoeveelheid folaat die we dagelijks nodig hebben. De geeloranje kleur van het vruchtvlees geeft aan dat manja’s boordevol bètacaroteen zitten, dat door ons lichaam wordt omgezet in vitamine A. Manja’s bevatten ook enzymen die helpen bij de vertering!

Als je in Suriname bent en trek hebt in een sappige manja, zul je niet ver hoeven zoeken – ze zijn overal te vinden. Zie je er geen, dan is het geen manjatijd.

Wanneer heb jij voor het laatst een manja gegeten?

mango_manja9

 


Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Privacybeleid     Affiliatemelding